De zonnige kant van de Alpen

Voor wie een gevarieerde vakantie wil, is Slovenië een ideaal vakantieland in postzegelformaat. U vindt er op heel korte afstand van elkaar alles wat een toerist maar wil: de Alpen en de stranden van de Adriatische Zee, bossen, meren en grotten, Italiaanse dorpjes en imposante kastelen, charmante provinciesteden en de boeiende hoofdstad Ljubljana. Zelfs de Kroatische hoofdstad Zagreb of de Italiaanse havenstad Triest liggen ‘om de hoek’. En dan zijn er natuurlijk het lekkere eten, de wijn, de gezellige terrasjes, de vriendelijke bediening en goede service enz. enz. In deze blog bericht ik wekelijks over mijn toeristische ervaringen in misschien wel het mooiste vakantieland van Europa.

04 May 2014

iEmona



 iEmona is een presentatie en informatiepunt over de Romeinse stad Emona waaruit later Laibach/Ljubljana  ontstond.  iEmona is onderdeel van de viering van het 2000-jarig bestaan van de stad, is vrij toegankelijk en is te vinden in de Chopinov prehod onderdoorgang onder het Kongres Plein (Kongresni trg) in het centrum.


 U ziet er onder andere restanten van een plaveisel uit Emona, een virtuele projectie en een model van de Romeinse stad. Er is ook een filmpresentatie over het leven in de Romeinse tijd en een interactieve terminal met informatie over de geschiedenis van Emona (ook in het Engels), dat bestond van het jaar 14 tot 452, toen het door Attilla de Hun werd verwoest.


Het 2000-jarig bestaan wordt dit jaar gevierd met tal van activiteiten en tentoonstellingen in allerlei musea en galeries. Het Stadsmuseum van Ljubljana bijvoorbeeld, altijd al een bezoek waard vanwege zijn prachtige en moderne permanente tentoonstelling over de geschiedenis van de stad, opent op 29 mei een tentoonstelling over Emona en het Romeinse rijk. En het Nationaal Museum brengt allerlei archeologische schatten uit de Romeinse periode bijeen. Het hoogtepunt van alle festiviteiten wordt “Ave Emona,” een grote driedaagse show (23-25 augustus) op het Kongres Plein met een Romeins kamp, demonstraties door allerlei in Romeinse kleren gestoken leden van historische gezelschappen van militaire formaties, gladiatorengevechten, Romeinse handvaardigheden, een markt en nog veel meer.
 
Er zijn ook wandelroutes uitgezet langs verschillende overblijfselen uit de Romeinse tijd die in de stad te zien zijn, zoals de restanten van de noordelijke stadspoort, een stuk van de zuidelijke Romeinse muur,  de resten van het Vroegchristelijke centrum uit de 4e eeuw in de Erjavčeva cesta en het Emona Huis, de restanten van een oude Romeinse woning in Mirje, even buiten het centrum van de stad.

25 April 2014

Restanten uit Tito's tijd



De Slovenen gaan over het algemeen niet erg bekrompen om met hun communistische verleden. Het was in veel opzichten een donkere tijd, maar er waren ook pluspunten en het is niet zinvol om alles maar weg te poetsen en te doen alsof het nooit heeft bestaan. In veel steden en dorpen zijn dan ook nog straten en pleinen genoemd naar Tito (Titov trg), Marx of zelfs Lenin, en her en der zie je nog stoere proletarische beelden, socialistisch realistische schilderijen en andere ‘kunstuitingen’ uit die tijd.

Het mijnstadje Velenje in het noordoosten bijvoorbeeld heeft als enige het grote beeld van maarschalk Tito  in het centrum nog altijd fier overeind staan. Het is er niet zomaar eentje, het is met zijn meer dan tien meter het hoogste Tito-beeld in Europa.
Aan het meer van Bled staat ook Vila Bled, destijds een van de voornaamste gastenverblijven van maarschalk Tito. Het is na de tweede wereldoorlog gebouwd in de stijl van de nieuwe zakelijkheid, met veel marmer en parketvloeren, op de plaats waar daarvoor een paleis stond van de koninklijke familie van Joegoslavië Karadjordjevic. Nu is het een luxehotel maar in de congreszaal hangt nog steeds prominent een 100 m2 grote socialistisch-realistische wandschildering met afbeeldingen van de partizanenoorlog. Direct achter Vila Bled staat overigens paviljoen Belvedère, vroeger Tito’s theehuis genoemd. Het gebouw (ingang via een tuinpad achter de villa of via een inrit langs de weg bij de afslag naar Bohinj) is ontworpen door Plecnik en is ingericht met het meubilair uit Tito’s tijd. Ook hier aan de wand een proletarisch kunstwerk (mozaïek). U heeft van hier een mooi uitzicht op het eiland en de trappen. Helaas is het alleen geopend op vrijdag, zaterdag en zondag vanaf 11.00 uur.



Het parlementsgebouw in Ljubljana stamt uit 1959 en is dus ook verfraaid met een prachtige socialistisch-realistische beeldengroep rond de ingang met veel naakte torsos van partizanen en proletariërs tijdens hun dagelijkse werk. Eigenlijk is de rest van het spuuglelijke Plein van de Republiek  waaraan het parlement staat natuurlijk één groot monument voor het communistische brute modernisme van de jaren zestig en zeventig: hoge gebouwen van grauw beton (o.a. het congrescentrum en bankkantoren), winderige open ruimtes vol geparkeerde auto’s en morsige onderdoorgangen met de nodige betonrot van winkel naar winkel.

Tot 2004, het jaar dat Slovenië lid werd van de EU, was op een heuvel boven Nova Goridze ook de in stenen uitgelegde leus “Nas Tito” oftewel “Onze Tito” te zien.  In het communistische Joegoslavië zag je dergelijke leuzen op bergwanden bij heel veel plaatsen. Tussen 2004 en 2008 ontwikkelde zich een felle controverse waarbij rechts-nationalistische groepen de leus herhaalde malen verwijderden of veranderden en linkse groepen het oude Nas Tito dan weer teruglegden. Uiteindelijk werd het pleit beslecht doordat een van de tegenstanders van de Tito leus dat stukje bergwand opkocht. Hoewel af en toe rond 1 mei…

18 April 2014

Een technisch museum in een kasteel


Zo’n 25 km ten zuidwesten van Ljubljana, vier kilometer van het stadje Vrhnika, ligt  kasteel Bistra. Het is prachtig gelegen aan de voet van beboste bergen (wandelpaden) en bij de beek de Bistrica die uitmondt in de Ljubljanica rivier die door de hoofdstad stroomt. In het kasteel zit een van de topattracties voor bezoekers met kinderen: het Technisch Museum van Slovenië.

In 1220 nodigde graaf Bernhard Spanheim de Carthuizer monniken uit om op deze plek- toen Freudenthal geheten - een klooster te stichten. De Carthuizers zijn een strenge orde van monniken die niet praten en geen contact met de buitenwereld hebben en dit was één van de vier vestigingen die ze toen hadden in de toenmalige 'Duitse' provincie Carniola. Het klooster functioneerde tot 1782, toen de Habsburgse keizer Joseph II een groot deel van de kloosterordes ophief. In 1826 kwam het complex in het bezit van de familie Galle en werd verbouwd tot wat het nu is. In 1945 werd het door de communistische regering onteigend en in 1951 werd het Technisch Museum er in gevestigd.

Aan de buitenkant ziet het complex er imposant uit en binnen bieden de gebouwen, de gewelven en het park eromheen een verrassende ontdekkingstocht. Er is van alles te zien en te doen, van stoommachine en elektriciteit via textielbewerking, een hoedenmakerij en een video over het maken van een houten wiel tot ecologie en natuurbeheer. Vermaard is de enorme collectie oude fietsen, motoren en auto’s met als hoogtepunt de prachtige luxueuze limousines van maarschalk Tito, de leider van het communistische Joegoslavië. Door het kasteelpark stroomt het riviertje de Bistra, er zijn bruggetjes en een oude 'Venetiaanse' houtmolen aangedreven door waterkracht en er is een café annex restaurant met terras. Het is een fantastische plek waar kinderen met gemak een halve of hele dag van alles kunnen zien en rond kunnen rennen (maandag gesloten).



11 April 2014

Een verdwijnend meer, een woeste kloof en een sprookjeskasteel

Bij het dorpje Cerknica in het zuidwesten van Slovenie ligt een groot meer dat ergens in juni/juli voor een paar maanden volledig verdwijnt om pas ergens in de herfst weer terug te keren. In het midden van het meer ligt een eiland met wat huizen en een kapel, via dijken verbonden met het vasteland. Het water is altijd maar een paar meter diep en in de winter vriest het gemakkelijk dicht, terwijl er nu in het voorjaar veel bootjes, surfers en zwemmers zijn. In de zomer gebruiken de boeren het drooggevallen land als hooiland en om hun vee te laten grazen.
Het verdwijnende Meer van Cerknica is een zogenaamde polje, een veld boven ingestorte karstgrotten en spelonken. Het water sijpelt daarin weg en na een wat langere droge periode, laat in de lente dus, verdwijnt het helemaal. Als het in de herfst dan veel regent, kan het riviertje de Cerknišcica het vele water niet verwerken en vormt het meer zich opnieuw, soms in een enkele dag. Dit merkwaardige natuurverschijnsel leidde tot tal van plaatselijke spookverhalen en legendes. Zo zou het meer levende dieren baren uit het binnenste van de aarde. Geleerden in de Oudheid en de Middeleeuwen snapten er niets van en pas in de 17e eeuw loste de Sloveen Johann Valvasor het raadsel op. In het museum Jezerski Hram, vlak bij het meer (Dolene Jezero), is een kleine tentoonstelling te zien met onder andere een maquette (Kebe) met een simulatie van het bijzondere natuurverschijnsel.

Even ten westen van Cerknica ligt Rakov Skocan, een wonderschone 2,5 km lange karstkloof waar het woest stromende riviertje de Rak ontspringt en waar je heerlijk kunt wandelen. Een pad door dit oudste landschapspark van Slovenië (al sinds 1949) voert langs, door en over holtes, grotten en twee natuurlijke rotsbruggen. Vroeg in de lente kan het door hoog water deels nog onbegaanbaar zijn.






Ten zuiden van Cerknica tenslotte ligt een mooi fietsgebied. Het is een uitgestrekt en tamelijk vlak rivierdal met kleine dorpjes en weggetjes door landbouwgebied. Verderop, midden in de bossen, ligt het imposante kasteel Snežnik.gebouwd in 1853 door de Saksische Prins Schönburg-Waldenburg. Het is in 2008 prachtig gerestaureerd en heeft authentieke interieurs uit de 19e eeuw. Er zijn elk heel uur rondleidingen. Het kasteel is vernoemd naar het beboste berggebied dat erachter ligt, een paradijs voor natuurliefhebbers en skiërs.

 

04 April 2014

Izola: een authentiek vissersstadje



Izola (Isola) is meer dan andere Sloveense kustplaatsen nog een authentiek vissersstadje. Het is een typisch “Venetiaans” dorpje, gebouwd op wat oorspronkelijk een eiland was (“isola” is eiland in het Italiaans) en is vooral in deze tijd van het jaar een genot om te bezoeken. Want zeg nou zelf, wat is er lekkerder dan in de vroege lente eindelijk weer eens aan de geur van de Middellandse Zee op te snuiven, door mooie oude straatjes te slenteren en een vispasta te eten op een zonovergoten terras aan de haven.

Izola is toeristisch lang ‘achtergebleven’ en de wirwar van kleine straatjes in het centrum ogen soms nog wat morsig, maar juist dat geeft het zijn oorspronkelijke sfeer. De boulevard en de oude haven (nu het Grote Plein oftewel Veliki trg) zijn inmiddels wel grotendeels opgeknapt en er is even verderop een nieuwe jachthaven aangelegd. Het stadje begint daardoor wel steeds meer toeristen te trekken, maar het is nog lang geen Piran of Portorož.  
 In het centrum is een soort straatmuseum ingericht: diverse facetten van de geschiedenis van het stadje – dat vanaf zijn stichting door de Romeinen tot diep in de 19e eeuw Italiaans van karakter was – worden toegelicht met teksten op borden en met objecten in winkels en cafés. Het Rastava Parenzana is een klein museum over het spoortreintje dat ooit van Triest naar Porec liep (de Parenzana). Er zijn ook speelgoedtreintjes e.d. te bewonderen van en door de heer Mihelic, een verwoed treinverzamelaar die soms zelf in ietwat gebroken Duits een enthousiaste rondleiding geeft.
Het Besenghi degli Ughi paleis, gebouwd tussen 1775 en 1781 in rococostijl met rijkversierd stuc en gietijzeren smeedwerk en een mooie grote hal, ligt boven in het stadje. Het is nu een muziekschool. Vlak erachter staat de 16e-eeuwse Sint Mauruskerk (Cerkev svetega Mavra) met schilderijen van oude Italiaanse meesters en zijn vrijstaande slanke klokkentoren in Venetiaanse stijl die overal bovenuit steekt. Mooi zijn ook het vlak bij de haven gelegen gemeentelijke paleis en het laatgotische Manzioli paleis uit 1470.
Aan de kop van de pier is een klein park met speeltuin waar de lokale bevolking zonnebaadt en zwemt. Vanaf die pier vertrekt ook dagelijks om 8 uur ‘s ochtends een boot naar Venetië. De oversteek duurt 2½ uur en de terugtocht is om 17 uur dus als u dezelfde dag teruggaat, heeft u een uur of zes om in deze magische stad rond te kijken. In de zomer varen er enkele keren per dag bootjes via Piran naar Portorož (50 min.) en via Koper naar Ankaran (40min). 
Aan de zuidkant van Izola ligt Simonov zaliv, een opgraving met wat restanten van de Romeinse haven Haliaetum en een Romeinse villa uit de tijd dat Isola werd gesticht als Romeinse kolonie.

26 March 2014

Het Urbanc paleis (Galerija Emporium)


Het Urbanc Paleis uit 1903 was het eerste luxe warenhuis van de Sloveense hoofdstad en is een van de mooiste jugendstil gebouwen van Ljubljana. Het ligt in het hart van de stad aan het autovrije Prešernov plein. Onder het communisme zat er een simpel warenhuis, Centromerkur, maar sinds 2010 is het onder de naam Galerija Emporium in oude luister hersteld.






Galerija Emporium verkoopt dure merkaccessoires, maar de bewaker die er rondloopt, is eraan gewend dat er ook allerlei mensen naar binnenlopen om gewoon even rond te kijken. Want ook het interieur is in magnifieke Art Nouveau stijl. Het warenhuis is gebouwd toen Ljubljana nog Laibach was in opdracht van de zakenman Felix Urbanc en naar een ontwerp van de architect Friedrich Sigmund uit Graz. Het concept van het warenhuis met zijn monumentale trap en twee verdiepingen waar je als klant vrij doorheen kunt lopen om op je gemak de uitgestalde waren te bekijken, nam Urbanc over van de grote nieuwe en moderne warenhuizen die destijds ook verrezen in Parijs, Wenen en Boedapest. De onregelmatige vorm van het gebouw – de gevel is relatief smal (5,5 m.) en daarachter verbreed het gebouw zich tot een onregelmatige vijfhoek – geeft het geheel een extra bijzonder en elegant tintje. Bovenop staat het beeld van Mercurius, de god van de handel en de kooplui. De prachtige trap binnen wordt gesteund door twee dubbele pilaren en bekroond met een ander beeld, een vrouwenfiguur die "het vakmanschap" symboliseert.


 
Het warenhuis werd in 1946 door de communistische staat onteigend en bij de staatswarenhuisketen Merkur gevoegd. Helaas hebben er in de decennia daarna ook een aantal verbouwingen plaatsgevonden die afbreuk deden aan het originele karakter. Zo werd onder meer het dak van gietijzer en glas vervangen dat oorspronkelijk de binnenhof overdekte. Maar de centrale hal met trappenhuis is nog in vrijwel originele staat, tot aan een aantal van de bewerkte glazen panelen aan toe.